In de ban van het wiel: Tijdens onze verkenning van de omgeving kon het niet anders of we raakten in de ban van het wiel, een bord voor de toerist naast 'een vijver' in de buurt van het Lippenbroek leerde ons dat het om een speciaal soort vijver gaat namelijk een kreek ook wiel genoemd. Ons wandelgebied werd tussen de 13de en 16de eeuw gewonnen op het moerasland dat toen nauwelijks 1m boven de zeespiegel lag en twee maal per dag overstroomde.

Een overzicht van de wielen in een reeks foto's, we beginnen in het noorden bij de Driegoten en volgen de Schelde tot het zuiden van Kastel om dan terug te keren langs de binnendijken. De kreken langs de huidige loop van de Schelde dateren van de twintigste eeuw, de kleinere wielen langs de andere dijken zijn veel ouder en eerder van de achtiende eeuw of zelfs de middeleeuwen. We zoeken nog naar informatie over datums en oorsprong (wiel door overstroming of gegraven voor dijkbouw)

Over wielen:

Bij een dijkbreuk stroomt het Scheldewater met zo'n kracht de polders binnen dat de bovenste lagen van de grond weggespoeld worden, meestal tot op de kleilaag. Er ontstaat een put, meestal cirkelvormige die men een wiel gaan noemen is of juister een kreek. We vinden ook de benamingen Waal of Weel en Kolk terug en volgens het woordenboek kan het ook ontstaan door afgraving voor het bouwen van de dijk.

Wanneer het water in een zijwaartse richting gestuwd werd kon een onregelmatige vorm ontstaan doch meestal zijn het ronde vijvers die achter bleven.

Bij een dijkbreuk maakt men onderscheid tussen een bres en een stroomgat. Bij een bres is de schade relatief beperkt want een bres is een opening in de dijk waarbvan de bodem zich bevindt boven normaal hoogwater. Er stroomt dus maar eenmaal overstromingswater. Een stroomgat heeft een opening waar de bodem lager ligt dan hoogwater, er stroomt dus twee maal daags water door.

De dijken werden gebouwd toen de Schelde een rivier werd die onderhevig was aan eb en vloed, dit werd pas een probleem in het tweede millennium, ervoor was er geen doorbraak naar de Noordzee en er waren ook geen getijden. Lees hierover op de geschiedenispagina waaruit blijkt dat er natuurlijke dijken gevormd waren die echter bij het verder toenemen van het getij ontoereikend waren en de moerassen (broek) voortdurend overstroomden.

De overstromingen drukten hun stempel op het landschap. Door het aanhoudende gevecht tussen het vloedwater en de indijkende mens zijn dijken meestal geen rechte lijnen. Overstromingen gingen gepaard met het spoelen van de diepe putten landinwaarts van de dijken. Na een dijkbreuk werden nieuwe dijken aangelegd, ofwel op de plaats van de oude dijk, ofwel landinwaarts ofwel op een schor aan de andere zijde van het geslagen wiel.

Wie een wandeling maakt langs de dijken maakt kennis met een grote variatie in het terrein. Er zijn niet alleen vijvers die ontstaan zijn door vorming van wielen doch ook putten door uitgraving nodig voor de bouw van de dijken en putten gevormd door turfwinning.

Het landschap is ook beïnvloed door de de behoeders van de natuur en de lokale bewoners. De ene partij wil de natuur beschermen en is blij met terugkerende fauna en flora terwijl de andere hun terrein voor recreatie wensen en eerder spreken van terugkeer van ongedierte en gevaar op ziektes ... en dan is er nog de overheid die voor het Sigmaplan op zoek is naar overstromingsgebieden.

Het grootste en bekendste wiel is de Gespoelde put. Het woord zegt het zelf, bij de dijkbreuk in 1928 werd een enorme put uitgespoeld, nu nog is de put anderhalve hectare groot en op de diepste plaats negen meter. (zie ook overstromingen) De gespoelde put is een populaire visvijver toegankelijk voor het publiek en tevens een collector voor de afwatering van het broek waar het water overgepomt wordt naar de Schelde.

Sommige van de wielen aan Driegoten liggen niet langs de huidige dijk, maar wel landinwaarts langs de vroegere hoofddijk. Verderop langs de Schelde komt men langs drie ruim 5.000 vierkante meter grote wielen uit 1906. Twee voor de Gespoelde put en een erna.

Ringdijken rond een wiel vindt men o.m. in Kastel waarna de Schelde het wiel opvulde met slib, waardoor ze tot schor en natuurgebied evolueren. 

Aan het einde van de Kleinbroekstraat (huisnummer 30) kan men rechts de 'trage weg' - een wandelweg - volgen naar een middeleeuws wiel (afbeelding de Grote Wiel), men loopt dan over de Gaendijk (Goudijk) die in de dertiende eeuw aangelegd werd en op 24 oktober 2010 terug is opengesteld. Het was de eerste verbinding tussen Moerzeke en Kastel. Volgens de kaart van Ferraris (1777) tellen we reeds drie bestaande wielen, op de kaart van Vandermaelen (1850) tellen we er zeven.

Nieuws
hogere pagina

Weetjes:

Er zijn over de Schelde 4 veerdiensten voor voetgangers en fietsers. Er is het veer van Driegoten en in Kastel deze welke verbinding maken met Mariekerke, Sint-Amands en Baasrode.

Afstand tussen Driegoten en veer Mariekerke langs de grote Scheldedijk is 4,6 km

Rivier door ons gebied 'De Vliet' start in het industriegebied en mond uit in de Gespoelde Put